Gerrit Rietveld

Gerrit Thomas Rietveld wordt internationaal gezien als één van de grote vernieuwende meubel- en interieurontwerpers van de 20ste eeuw. Hoewel zijn totale oeuvre meer dan 200 ontwerpen voor gebouwen omvat, is Rietveld als architect vooral bekend geworden dankzij het Rietveld Schröderhuis in Utrecht, dat hij in 1924 volgens de ideeën van De Stijl ontwierp. In die tijd was Rietveld, mede dankzij zijn beroemde Rood-blauwe stoel, een begrip in de kringen van de internationale avant-garde, en had zijn werk een grote invloed op zijn tijdgenoten.

Zowel in de architectuur als in het ontwerpen van zijn meubels en interieurontwerpen streefde Rietveld ernaar ruimte te scheppen door maatvoering en begrenzing, en door soberheid na te streven, dus af te zien van overbodige vormen of ornamenten.

Gerrit Rietveld (1888-1964) leerde het vak van zijn vader die een meubelmakerij in Utrecht had. Hij volgde vanaf 1904 avondcursussen bij het Utrechts Museum der Kunstnijverheid, werkte in de edelsmidswerkplaats van juwelier C.J.A. Begeer en volgde een avondopleiding architectuur bij de architect P.J.C. Klaarhamer. In 1917 opende Rietveld zijn eigen meubelwerkplaats.

Het jaar daarop ontwierp hij het prototype van de latere Rood-blauwe stoel, die oorspronkelijk uit kleurloos onbeschilderd hout bestond. In 1919 leerde hij Theo Doesburg kennen en architect J.J.P. Oud en werd hij medewerker van het tijdschrift "De Stijl". Rietveld voelde zich sterk verwant met de opvattingen van De Stijl, die aansloten bij zijn overtuiging dat een ontwerp zuiver moet zijn, eigentijds en dat elke traditionele vorm of werkwijze moet worden vermeden.

Stel een Aflopende Directie in
Stel een Aflopende Directie in
loader